Pieter Serrien
(°1985, Kontich)

is historicus met een oor voor verhalen

vertelde met Tranen over Mortsel het verhaal van 5 april 1943

schreef het boek Oorlogsdagen over het leven onder bezetting tijdens WOI

startte met Zo was onze oorlog een uniek getuigenissenproject over WOII op

trad in zijn vierde boek Van onze jongens geen nieuws in de voetsporen van de jongens van ’40

en vertelde in Elke dag angst over de V-bommenterreur aan het einde van WOII

begon in 2009 het historisch onderzoeksbureau Geheugen Collectief

houdt een blog bij over opmerkelijke historische verhalen

toert het land rond met verschillende lezingen

geeft geschiedenis in het Sint-Ritacollege Kontich

en bewondert de manier waarop mensen met geschiedenis bezig zijn.

Uitgebreide bio

Pieter Serrien werd geboren in 1985 in Antwerpen en groeide op in Kontich(-Kazerne). Al sinds zijn jeugd is hij gefascineerd door de kracht van het vertellen van verhalen. De stap om in 2003 geschiedenis te gaan studeren aan de KULeuven was dus niet zo groot. Hij specialiseerde zich in mondelinge geschiedenis, egodocumenten en het dagelijkse leven in conflictgebieden. In 2005-2006 kreeg hij de kans om tijdens zijn Erasmusuitwisseling aan de University of Exeter les te volgen bij prof. Richard Overy, die hem in de richting stuurde van de sociale geschiedenis van de wereldoorlogen. In 2007 studeerde Pieter af met een licentiaatthesis over het leven met bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Sinds dan voert hij als historicus onderzoek over gewone mensen in extreme omstandigheden.

Met het diploma geschiedenis op zak, begon Pieter les te geven in het Sint-Ritacollege te Kontich. Voor de klas is sinds dan een passie, maar hij bleef daarnaast met historisch onderzoek bezig. Begin 2008 werd dit concreet en kreeg hij de kans om een eerste boek te schrijven in opdracht van Standaard Uitgeverij en de stad Mortsel.

Zijn debuut Tranen over Mortsel (2008) vertelt de moeilijke geschiedenis van het bombardement op de stad van 5 april 1943 en verzamelt de laatste getuigenissen van de dodelijkste ramp uit onze geschiedenis. Het boek was meer dan een schrijfproject. De honderden getuigen die Pieter interviewde, liet hij opnieuw hun verhaal vertellen aan jongeren van het laatste jaar secundair onderwijs in vijf Mortselse en Edegemse scholen. Sindsdien organiseert hij de jaarlijkse herdenkingen en begeleidt Pieter getuigen bij het vertellen van hun verhaal. Daarnaast waren er nog heel wat andere projecten die hij begeleidde, zoals het uitdenken van een historische wandeling in 2010 en de volledig herziene editie van Tranen over Mortsel in 2013 (Manteau). Bovendien zijn er ook allerlei multidisciplinaire projecten waarbij zijn expertise werd gevraagd, met als hoogtepunten een interviewreeks met Frank Van Passel, een onderzoek over trauma met Peter Adriaenssens, een graphic novelproject en een Koppenreportage en meerdere romans over het bombardement. In 2018 verscheen er nog een jubileumuitgave van Tranen over Mortsel.

In 2009 richtte Pieter met Geheugen Collectief het eerste Vlaamse historisch onderzoeksbureau op. In opdracht van overheden, musea, erfgoedinstellingen en particulieren doet dit jonge projectbureau aan historisch onderzoek met aandacht voor een professionele aanpak en een lage drempel. Sinds 1 juli 2014 is Pieter geen onderzoeker meer bij Geheugen Collectief, om zich te focussen op het schrijverschap en het lesgeven.

In zijn tweede boek Oorlogsdagen (2013, Manteau) liet Pieter meer dan dertig burgers aan het woord die een dagboek bijhielden in het bezette Vlaanderen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het resultaat was een unieke geschiedenis van verschillende vergeten aspecten van 14-18, zoals de Duitse represailles tijdens de eerste oorlogsweken, de lokale hulpverlening, de sociale breuklijnen, de beleving van kinderen, de rol van de vrouw, de collaboratie, het verzet, verplichte tewerkstelling, de Spaanse griepuitbraak… Sinds de publicatie toert Pieter met een lezing over het boek door Vlaanderen en Nederland. Daarnaast diende het boek als inspiratie voor verschillende tentoonstellingen zoals recent De Oorlog in Korte Broek in de Gentse Sint-Pietersabdij. Ook televisie ging aan de slag met het onderzoek en boek. Zo was er contact met de makers van de VRT-reeks In Vlaamse Velden en maakte Terzake een korte documentaire over de dagboekschrijvers in de eerste oorlogsweek. Oorlogsdagen vormde een eerste deel van een tweeluik, waarin Pieter het dagelijkse leven tijdens de beide wereldoorlogen beschreef aan de hand van getuigenissen.

Sinds 2010 leidt Pieter het WO2-jongerenproject Zo was onze oorlog, dat in 2014 resulteerde in het gelijknamige boek bij Manteau, het tweede deel van het tweeluik over het dagelijkse oorlogsleven in België. Net als in Mortsel koos hij er bewust voor om met jongeren te werken. Voor het boek verscheen, stapten vijf scholen mee in het project. De leerlingen gingen zelf op pad om iemand te interviewen die de Tweede Wereldoorlog had meegemaakt. Het resultaat was een groot interviewarchief over de oorlog in Vlaanderen: meer dan 750 verhalen, opgetekend door de jeugd van vandaag. Het boek was daarvan een weerslag, maar geen eindpunt: het interviewproject loopt nog steeds, ook in samenwerking met nieuwe scholen. Ondertussen hebben al meer dan 1500 jongeren over heel Vlaanderen geluisterd naar het verhaal van een Belgische oorlogsgetuige. In het boek vertelde Pieter de verhalen van de honderden getuigen aan de hand van die van zijn eigen grootouders, wiens verhaal als rode draad diende.

In mei 2015 verscheen bij Manteau Van onze jongens geen nieuws. Pieters vierde boek schreef hij samen met collega-historici Karel Strobbe en Hans Boers. Deze roadtrip in oorlogstijd neemt de lezer mee naar het ongelofelijke avontuur dat de 300.000 Belgische jongens van de rekruteringsreserve beleefden aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. Voor dit boek trokken ze in het spoor van de jongens van toen, met de fiets, helemaal tot in Zuid-Frankrijk, waar reserverekruten zoals Leo Tindemans, Bob Davidse en Nand Buyl in 1940 bijna drie maanden zaten. In 2017 was dit boek de aanleiding voor een aflevering van de VRT-reeks De Helden van Arnout.

In 2016 werkte hij zijn vijfde boek Elke dag angst af, dat in september 2016 bij de nieuwe uitgeverij Horizon verscheen. In dit boek vertelt Pieter het grotendeels vergeten en intrigerende verhaal van de V1-bommen en V2-raketten en gaf hij een stem aan de slachtoffers én daders van de terreur die ons land teisterde in 1944-1945. Hoewel getuigenissen centraal blijven staan, was dit boek nog veel meer het resultaat van doorgedreven literatuur- en archiefonderzoek. Bovendien is deze complexe geschiedenis met Elke dag angst voor het eerst volledig in boekvorm gepubliceerd. Omdat er maar liefst meer dan 9000 V’s insloegen op ons land, waarbij meer dan 8000 mensen omkwamen, was het onderzoek voor dit boek een immense opdracht. Omdat bij elk boek maar een deel van het gevonden bronnenmateriaal wordt opgenomen, besloot Pieter om meer dan ooit de andere resultaten op zijn website te delen. Het beste voorbeeld hiervan is een oplijsting van alle dodelijke V-inslagen in België en Nederland, waarbij Pieter systematisch verhalen over V-bombardementen publiceert.

In 2017-2018 toert Pieter opnieuw rond met verschillende lezingen, onder meer over de V-bommenterreur en een gloednieuwe over het bombardement op Mortsel. In het voorjaar van 2018 verscheen er een nieuwe, derde editie van Tranen over Mortsel, ter gelegenheid van de 75ste herdenking. Naar aanleiding daarvan richtte Pieter Serrien samen met Bruno Gastmans en Marc Van de Looverbosch een vzw op om de herdenking te bewaren. Op de website www.5april1943.be creëerde Pieter een slachtofferlijst met voor elk van de 936 dodelijke slachtoffers een eigen herdenkingspagina. Meer info hierover is te vinden via deze link.

In het najaar van 2018 mogen we Pieters zesde boek in de boekhandel verwachten.

Pieter is de oudere broer van filosoof Tomas Serrien, die het opiniërend, vrij en onafhankelijk internetplatfom Mirari oprichtte. Eind 2017 kwam Tomas’ eerste boek KLANK uit. Daarin neemt hij de lezer mee een indrukwekkende reflectie over onze muziekervaring.

Om de boeken en de projecten daarrond verder te ondersteunen, houdt Pieter een informatieve website bij. Op www.pieterserrien.be krijgen bezoekers ook verhalen te lezen die (nog) niet in een boek zijn opgenomen. Daarnaast is Pieter actief met een blog, waarin hij regelmatig zijn blik richt op actuele en historische problematiek. Dagelijks wordt de website door zo’n 200 à 300 mensen bezocht, zowel uit het binnen- als buitenland.

Pieter werkt en woont samen met zijn vriendin en zoontje in Kontich.