Meer info over het boek

Terug naar het overzicht van V-inslagen

Een mislukte lancering van op het legendarische V2-lanceerplatform van Hellendoorn (van waar onder meer de raket op de Rex is gelanceerd) zorgde op 4 december 1944 voor een vreselijk drama in het naburige Luttenberg. Hieronder lees je een fragment uit Elke dag angst:

‘Weer een knal…’, vertelt Betsie Stikvoort. Toen kwam plots de boer bij wie haar broer Albert was ondergedoken melden dat die door een V2 geraakt was. Haar moeder fietste zo snel mogelijk naar de hoeve: ‘Daar lag Albert, bleekjes en angstig. De V2 was net buiten Luttenberg in een weiland neergestort. Jong en oud ging kijken, zo ook Albert. Toen hij aankwam, ontplofte het projectiel voor de tweede keer.’ Negentien mensen waren op slag dood. Achttien anderen werden ernstig verwond. ‘Onze broer werd verderop in het veld gekatapulteerd, vanwaar hij naar zijn onderduikadres werd gebracht.’ Albert was er erg aan toe. Toen Betsie het nieuws over zijn toestand vernam, wilde ze zo snel mogelijk naar hem toe: ‘De enige kans om bij Albert te komen was aanbellen bij de vijand in de pastorie, de situatie uitleggen en vragen of iemand ons kon brengen. Met knikkende knieën stonden we voor de pastoriedeur. Maar de Duitsers waren begripvol en stemden toe. Wij kwamen aan bij Albert en moeder. Mijn broer lag er triest bij. We zagen hoe zijn buikvlies naar buiten kwam en een arm behoorlijk verwond was door de scherven van de V2. De dokter gaf hem nog drie uur te leven. Helaas konden wij niet langer blijven, we moesten terug met de Duitse officier, dus namen we afscheid. Bij de deur keken we nog even om. Albert zwaaide heel zachtjes met zijn hand heen en weer, zijn ogen op ons gericht, droevig en angstig. Dat beeld is me altijd bijgebleven. Hij was mijn beste kameraadje. Welke gedachten spookten er op dat moment allemaal door zijn hoofd?’

‘De rotmoffen namen alles van ons af’, verzucht Betsie. Haar broer belandde in het ziekenhuis van Almelo. Hij leefde nog en wilde afscheid nemen van zijn vader, maar die zat ook ondergedoken: ‘Mijn schoonbroer Piet trok langs binnenwegen naar het schuilhuis in Enter. Ondanks de risico’s wilde vader naar Albert toe. Hij schoor zijn snor af om niet herkend te worden.’ De vader arriveerde op tijd: ‘Ik vergezelde moeder, samen op de fiets, zwijgend en in gedachten verzonken. Gelukkig herkende Albert vader. We bleven een tijdje bij Albert, wel op onze hoede of er geen Duitser op de loer lag om vader te arresteren. Vader moest voor het donker weer terug, om de avondklokcontroles te vermijden. Wat een pijn voor vader ondergedoken te zijn en niet tot steun te kunnen zijn voor zijn gezin.’ De volgende dag was Alberts toestand stabiel: ‘Moeder belde een paar keer per dag naar het ziekenhuis en na anderhalve dag werd gemeld dat het slechter ging met hem.’ Zijn gezinsleden fietsten snel terug naar Almelo en namen opnieuw afscheid: ‘Moeder belde ’s morgens dat hij die nacht was overleden. Ik miste hem gelijk, maar kon helemaal niet huilen, zo raar. Ik was alleen maar stil. Pas toen moeder die avond zei: “Betsie zal Albert missen”, begon ik te huilen. De tranenvloed hield niet meer op en deed me goed. We hebben nooit over Albert kunnen praten. Vader kon er niet tegen. Het schuldgevoel knaagde, omdat toen de raket viel Albert op die plaats was omdat hij moest onderduiken doordat zijn vader in het verzet actief was.’

Bij de V2-inslag in de Blikweg in Luttenberg kwamen negentien mensen om. Minstens één iemand (Albert Stikvoort) overleed later aan zijn verwondingen. Meer info over het monument en de namen van de slachtoffers vind je via deze link.

Foto door Leo Van Bergen

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s